Tuinders in Rusland zaaiden wortels onder winterse omstandigheden en rekenden op stabiele koeling om de zaden te beschermen. Het weer veranderde echter en bracht overdag temperaturen boven het vriespunt en regen die de bloembedden ontdooide. De bron merkt op dat kortetermijnwarmte niet noodzakelijkerwijs betekent dat de zaden voortijdig zijn ontkiemd, en vroege herfstzaailingen kunnen de eerste vorst overleven als ze bedekt zijn met sneeuw.[1]
Als de wortels al ontkiemd zijn, kunnen ze later in het seizoen worstelen. Planten die als zaailingen overwinteren, groeien tegen de zomer vaak uit tot bloeiende stengels, wat resulteert in grove wortels in plaats van eetbare wortels. Daarom is het risicovol om op dit specifieke bed te vertrouwen als enige oogstbron. Goed winterzaaien vindt meestal plaats op bevroren grond met voorbereide bodemreserves en beschermende film totdat stabiele bevriezing terugkeert.[1]
Tuinders observeren de bodemtemperatuur en wachten op spruiten voordat ze beslissen of ze het bed verstoren. Als er geen scheuten verschijnen, wordt het perceel meestal ongestoord gelaten. De bron vermeldt dat verliezen waarschijnlijker zijn in jaren met weinig sneeuw of fluctuerende omstandigheden waar sneeuw herhaaldelijk smelt en bevriest.[1]